Rechtshandeling: definitie

Het meest centrale begrip in het vermogensrecht is de rechtshandeling (art. 3:33 BW).

Art. 3:33 BW:

Een rechtshandeling vereist een op een rechtsgevolg gerichte wil die zich door een verklaring heeft geopenbaard.

Voor een geldige rechtshandeling is cumulatief vereist:

  • een op een rechtsgevolg gerichte wil
  • de openbaring van deze wil d.m.v. een verklaring

Op grond van art. 3:37 BW kunnen rechtshandelingen in beginsel in elke vorm geschieden.

Art. 3:37 BW:

1. Tenzij anders is bepaald, kunnen verklaringen, met inbegrip van mededelingen, in iedere vorm geschieden, en kunnen zij in een of meer gedragingen besloten liggen.

2. Indien bepaald is dat een verklaring schriftelijk moet worden gedaan, kan zij, voor zover uit de strekking van die bepaling niet anders volgt, ook bij exploit geschieden.

3. Een tot een bepaalde persoon gerichte verklaring moet, om haar werking te hebben, die persoon hebben bereikt. Nochtans heeft ook een verklaring die hem tot wie zij was gericht, niet of niet tijdig heeft bereikt, haar werking, indien dit niet of niet tijdig bereiken het gevolg is van zijn eigen handeling, van de handeling van personen voor wie hij aansprakelijk is, of van andere omstandigheden die zijn persoon betreffen en rechtvaardigen dat hij het nadeel draagt.

4. Wanneer een door de afzender daartoe aangewezen persoon of middel een tot een ander gerichte verklaring onjuist heeft overgebracht, geldt het ter kennis van de ontvanger gekomene als de verklaring van de afzender, tenzij de gevolgde wijze van overbrenging door de ontvanger was bepaald.5.Intrekking van een tot een bepaalde persoon gerichte verklaring moet, om haar werking te hebben, die persoon eerder dan of gelijktijdig met de ingetrokken verklaring bereiken.

Soms schrijft de wet een bepaalde vorm voor, die dan op straffe van nietigheid in acht moet worden genomen (art. 3:39 BW).

Art. 3:39 BW:

Tenzij uit de wet anders voortvloeit, zijn rechtshandelingen die niet in de voorgeschreven vorm zijn verricht, nietig.

Als tijdstip van totstandkoming van een rechtshandeling geldt het geobjectiveerde moment waarop de verklaring de ontvanger heeft bereikt (art. 3:37 lid 3).

Art. 3:37 lid 3 BW:

Een tot een bepaalde persoon gerichte verklaring moet, om haar werking te hebben, die persoon hebben bereikt. Nochtans heeft ook een verklaring die hem tot wie zij was gericht, niet of niet tijdig heeft bereikt, haar werking, indien dit niet of niet tijdig bereiken het gevolg is van zijn eigen handeling, van de handeling van personen voor wie hij aansprakelijk is, of van andere omstandigheden die zijn persoon betreffen en rechtvaardigen dat hij het nadeel draagt.

Meerzijdige vs. eenzijdige rechtshandelingen

Rechtshandelingen kunnen worden onderscheiden in

  • meerzijdige rechtshandelingen: indien het handelen van twee of meer personen vereist is om het rechtsgevolg te doen intreden (bijv. een koopovereenkomst)
  • eenzijdige rechtshandelingen: indien het handelen van één persoon voldoende is om het rechtsgevolg te doen intreden (bijv. het opzeggen van een arbeidsovereenkomst of een huurovereenkomst)